Presente indicativo dei verbi venire e tenere


VENIRE
PERSOON Vorm KLEMTOON
(io) vengo vengo
(tu) vieni vieni
(lui/lei) viene viene
(noi veniamo veniamo
(voi) venite venite
(loro vengono vengono

TENERE
PERSOON Vorm KLEMTOON
(io) tengo tengo
(tu) tieni tieni
(lui/lei) tiene tiene
(noi teniamo teniamo
(voi) tenete tenete
(loro tengono tengono

Bij de uitspraak ligt de klemtoon, zowel bij "venire" als bij "tenere" bij de eerste, tweede en derde persoon enkelvoud en bij de derde persoon meervoud op de eerste lettergreep. Bij de eerste en tweede persoon meervoud ligt de klemtoon daarentegen op de tweede lettergreep.