| De werkwoorden van de "seconda coniugazione", de werkwoorden op -ERE, worden als volgt vervoegd: | |
| 1 | Je neemt de stam van het werkwoord; |
| 2 | Vervolgens plaats je onderstaande uitgangen achter de stam: |
| CREDERE | ||
| PERSOON | StamUitgang | KLEMTOON |
| (io) | credei (-etti) | credei (-etti) |
| (tu) | credesti | credesti |
| (lui/lei) | credé (-ette) | credé (-ette) |
| (noi | credemmo | credemmo |
| (voi) | credeste | credeste |
| (loro | crederono (-ettero) | crederono (-ettero) |
N.B. Bij de werkwoorden van de seconda coniugazione kunnen de uitgangen bij de 1e en 3e persoon enkelvoud en bij de 3e persoon meervoud vervangen worden door resp. -etti, -ette, -ettero. Echter bij de werkwoorden waarbij de stam uitgaat op -t worden deze vormen niet gebruikt: potei (en niet potetti).
De meeste werkwoorden op -ERE hebben een onregelmatige passato remoto. Kijk hiervoor bij de "coniugazione dei verbi irregolari".