Frase principale al passato indicativo/condizionale
| Voorbeelden: |
| 1 |
Ero sicuro che avrebbe fatto il suo dovere. |
| 2 |
Tutti sapevano che lei non stava bene. |
| 3 |
Ha detto che ieri sera aveva molto da fare. |
| 4 |
Era evidente che non erano potuti arrivare in tempo. |
| 5 |
Capirono subito che l'aereo non poteva atterrare con quella nebbia. |
| 6 |
Le avvertirono che il nonno stava all'ospedale. |
Als de hoofdzin in de "passato" staat, hangt het van de tijdsorde af welke tijd je in de bijzin moet gebruiken.
Je moet dan eerst bepalen of:
| - |
de inhouden van de hoofd- en bijzin gelijktijdig gerealiseerd worden ("contemporaneità"); |
| - |
de inhoud van de bijzin in tijdsorde volgt op die van de hoofdzin ("posteriorità"); |
| - |
de inhoud van de bijzin in tijdsorde voorafgaat aan die van de hoofdzin ("anteriorità"). |
Als je meer informatie wilt, klik je op:
| - |
"contemporaneità" |
als de inhouden van de hoofd- en bijzin gelijktijdig gerealiseerd worden |
| - |
"posteriorità" |
als de inhoud van de bijzin in tijdsorde volgt op die van de hoofdzin |
| - |
"anteriorità" |
als de inhoud van de bijzin in tijdsorde voorafgaat aan die van de hoofdzin. |